Het is een gezellige boel in Aralsk
De haven in Aralsk
De volgende dag wilden we vroeg uit de veren om het Aralmeer te verkennen en, nog belangrijker, de enige trein die dag om half 3 's middags niet te missen - we wilden alles in het werk stellen om niet een dag langer in dit oord te hoeven blijven. Ondanks dat het al half maart was, was het steenkoud - een stuk frisser dan Almaty, en net terwijl ik mijn thermo-ondergoed niet bij me had - en compleet verlaten; het leek net een spookstad. De haven was een surrealistisch gezicht: kranen, bewegwijzering, visverwerkingsfabrieken, schepen... maar geen water. Het is moeilijk te bevatten dat de Sovjetplanners deze stad achter de tekentafel zo goed als ten dode opschreven - het leeglopen van het Aralmeer was geen onverwachte gebeurtenis, maar volledig voorzien en onder het motto 'waar gehakt wordt, vallen spaanders' terzijde geschoven (als kers op de taart werd op Aralsk-7, een eiland in het Aralmeer, ook een keur aan biologische en chemische wapens, waaronder antrax, getest). Omdat de kou bijna ondraaglijk was konden we het buiten niet lang uithouden - gelukkig konden we opwarmen bij een lokale NGO die tripjes per 4WD naar het 'ship cemetery' verzorgde - een plek vlakbij een dorp waar een aantal schepen (tevergeefs) heen werden gebracht vanwege het terugtrekkende water. Vlakbij de verroeste, op de sneeuwvlakte liggende schepen bevond zich een kudde gedomesticeerde kamelen - een reisgids had het goedkoop maar treffend over 'ships of the desert and ships in the desert'.
Onze laatste halte was de stad Kyzylorda. In de Lonely Planet werd niet erg hoog opgegeven van deze plaats, maar omdat een pauze hier een nonstop terugreis van 31 uur (nu was het nog maar 24) kon voorkomen was het animo snel gevonden. Toen we eenmaal rondsjouwden sloeg de twijfel echter toe - je in de stad vervelen is niet zoveel beter dan in de trein (en in de trein zijn er geen mieren in je kamer). Het culturele hoogtepunt van ons bezoek was het museum voor regionale geschiedenis - naast wat onbegrijpelijke en onbeduidende informatie over de historie van de armste provincie van Kazakhstan had het ook een speciale Nazarbaev-hal te bieden - maar wat Kyzylorda vooral de moeite waard maakte was de horeca: voor 75 cent kreeg je een halve liter bier, voor een euro een cocktail en voor 3 euro een berg lamsvlees. Moe maar voldaan aanvaardden we die avond, na een politie-escorte naar het station gekregen te hebben ('many foreigners get killed around here at night'), de terugrit - met veel slapen, muziek luisteren, gare spelletjes doen en de enige film die voorhanden was voor de zoveelste keer te bekijken is een dag in de trein zo voorbij en kwamen we in Almaty ('home, sweet home') aan. Het was interessant om ons een weekje wat minder tussen de studenten en wat meer tussen gewone Kazakhstanen te begeven en te zien hoe het er buiten de grote steden Almaty en Astana aan toe gaat.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten